Legwijze

Vloeren kunnen grofweg op twee manieren worden gelegd, namelijk zwevend en vast.

Zwevend leggen is een mooie benaming voor een vloer te plaatsen zonder die aan de ondervloer te verlijmen of nagelen.

Dit heeft een aantal voor en nadelen, ten eerste de voordelen:

  • Het grootste voordeel zit hem in het feit dat de vloer niet aan de ondervloer verlijmd hoeft te worden, hoogwaardige elastische lijm is namelijk zeer prijzig.
  • Ook is het zwevend leggen van de vloer veel minder arbeidsintensief dan deze vast te maken aan een ondervloer, wat de prijs ook weer drukt.
  • Omdat er geen spaanplaat ondervloer gebruikt hoeft te worden is de vloer minder dik, hierdoor is de vloer beter te gebruiken in lage woningen.

Het grootste nadeel van een vloer zwevend leggen is dat de vloer vrij kan werken (uitzetten en krimpen door de verandering in luchtvochtigheid). Dit geeft een aantal complicaties.

  • De vloer kan naden vertonen wanneer de krimp inzet als de lucht droog is.
  • De vloer kan bol gaan staan wanneer hij uitzet als de lucht vochtig is.
  • De vloer kan kraken en geluid maken als u er overheen loopt.

Natuurlijk kan een parketteur die met zorg een vloer legt deze complicaties zoveel mogelijk tegengaan, maar uitsluiten is niet mogelijk.

Het vast verlijmen en vernagelen levert een stabielere vloer op, maar is zoals eerder gezecht ook prijziger. Zo moet er een spaanplaat ondervloer worden geplaatst, de lijm is zoals eerder gezecht duur en door de extra uren arbeid kan het vast leggen van een vloer al snel € 15,- per m2 duurder uitvallen.

Tapis wordt altijd vol verlijmd en vernageld op een ondervloer en in ruimtes breder dan 6,5 meter is het ook raadzaam niet aan zwevend leggen te beginnen.